Meer inzicht in het Hebreeuwse denken, de taal en het Hebreeuwse gedachtegoed, helpen mij om teksten uit Genesis op de juiste manier te lezen. Met vallen en opstaan en veel struikelen. Steeds opnieuw moet ik mijn visie bijstellen. Ik doe slechts een poging om een deel te ontrafelen waarbij ik weet dat het kruimels zijn. Bij het lezen van de Bijbel is het cruciaal om in te zien dat het een Hebreeuws boek is, dat je het niet kunt lezen door de ogen van Plato.

God liet toen Hij sprak ‘er zij licht’ (Genesis 1:3) niet alleen met dit schijnsel de Thora en Zichzelf zien (Spreuken 6:23), maar presenteerde daarmee ook Jezus, zijn Zoon, als de Koning over dit rijk. Jezus, het Licht der wereld. Het licht van de beginne is daarnaast ook de glans van de rechtvaardigen (Psalm 97:11), die aan zijn rijk gaan bouwen en mogen wandelen en wonen in het schijnsel van zijn rijk. Op de Thora, zijn woord, zijn Zoon en de rechtvaardigen is zijn rijk gebouwd. Zij zijn één en vormen Gods troon (zie hoofdstuk 5 in mijn boek ‘Het Hebreeuwse Koninkrijk van God). De rechtvaardigen dragen de zetel van onze Vorst met de Thora en het verzoendeksel op hun schouders als een licht voor de wereld. Als men het heeft over het Koninkrijk van God, dan kan het spreken over de Thora, Jezus en de rechtvaardigen hierin niet ontbreken. Afschaffing van Gods Thora geeft wetteloosheid, sociale ongerechtigheid, wat een ineenstorting van zijn Koninkrijk tot gevolg heeft…

LEES DIT ARTIKEL VERDER IN CHARISMA MAGAZINE, JUNI 2021